Hoek – de ijscohoek – 1,5 tot 4 jaar

Doel 1,5 tot 2,5 jaar: De kinderen spelen dat zij ijsjes gaan kopen en verkopen.
Doel 2,5 tot 4 jaar: De kinderen spelen dat zij ijsjes gaan kopen en verkopen en dat zij voor de ijsjes moeten betalen.

Als het buiten warm is, is een koud ijsje zó lekker! Hoe kom je aan dat ijsje? Een ijsje haal je bij de ijscoman. Ik en Puk zingen het liedje “Tingelingeling, wie lust een ijsje? Want ik ben de ijscoman.”  Puk gaat ijsjes verkopen in de ijskraam. Hebben de kinderen zin in een ijsje? Om de beurt bestellen ze ijsjes bij Puk en die maakt alles klaar. Zodra ze afgerekend hebben krijgen ze het ijsje en mogen het lekker op gaan likken. Om de beurt mogen de kinderen ook ijsverkoper zijn. Van Y. mag ook ik een keer ijsverkoper zijn. De meiden laten Puk dan een ijsje bij mij bestellen.

  • Y. bestelt steeds een roze ijsje, keer op keer. Soms met het koekje met smarties erop. Zelf is ze een ware marktkoopvrouw. Ze roept heel hard “chocola! chocola!” om aan te geven dat ze aan het verkopen is. Ze maakt zonder enige moeite de combinatie ijsjes die we bestellen. Ze verkoopt haar ijsjes voor 20 euro per stuk.
  • M. maakt de ijsjes die we bestellen voor ons klaar. Soms is het de verkeerde combinatie en maakt ze de bestelling opnieuw. Maar ze komt er wel aan uit. Ze verkoopt al haar ijsjes voor 5 euro per stuk.

We wisselen om de beurt van rol als verkoper en klant. Hier raken ze voorlopig nog niet op uitgekeken denk ik. Gedurende het thema staat dit winkeltje in de kamer zodat de kinderen er lekker samen mee kunnen spelen.

Belangrijke woorden:

  • betalen
  • de euro
  • de ijscoman
  • het ijsje
  • kopen
  • likken
  • op je beurt wachten
  • de rij
  • de tong
Dinsdag 23 juni