Introductie – Maar eerst ving ik een monster – 0 tot 4 jaar

Doel: De kinderen maken kennis met het boek dat centraal staat dit thema.
We bekijken eerst samen de voorkant van het boek. Wat zien de kinderen allemaal? J. merkt op dat het boek op de poster aan de muur lijkt. J.F. benoemd de jongen, het monster en het net. Als we de voorkant bekeken hebben dan lezen we het boek.

  • J.F.j zit erbij en kijkt en luistert mee.
  • J.F. kijkt actief mee. Hij wijst af en toe iets aan en vraagt; “Wat is dat?”. Aan het einde van het verhaal zegt hij; “Nog een keer”. Ook wil hij daarna op tv naar monsters kijken. Alleen weet ik niet precies welk filmpje hij dan bedoelt. Op de vraag “Zijn de monsters leuk?” zegt hij; “Nee, de monsters zijn boos!”.
  • J. kijkt actief mee in het boek. Je ziet bij hem verbaasde emoties ook lachen. In zijn lichaamstaal zie en merk je dat hij actief mee kijkt/luistert.
  • M. was niet meteen enthousiast toen ik voor ging lezen. Toen ik eenmaal aan het lezen was werd hij toch wel geïntrigeerd en sloot hij ook aan om mee te luisteren. Hij heeft met zijn mond vol tanden geluisterd naar het verhaal.
  • B. kwam meteen kijken en luisteren naar het verhaal. Hij heeft vol verwondering meegekeken.
  • N. lijkt het boek erg leuk te vinden. Hij kan er geen genoeg van krijgen. Aan het einde zegt hij steeds “Nog een keer lezen”. Dat heeft misschien ook te maken met de tekst op de laatste pagina. Er staat namelijk; “Ja, maar je las het nog een keer voor.”

Het boek is meerdere keren per dag voorgelezen. De kinderen hebben er enorm van genoten. J.F. kan het verhaal inmiddels uit zijn hoofd navertellen. Zo hebben we een keer tijdens het ontbijt het verhaal samen vertelt. Waarbij hij de tekst van de jongen zei en ik de tekst van de ouder. Het boek is immers een conversatie tussen twee personen en was daar dus uitermate geschikt voor. Zowel J.F. als N. hebben het boek ook nog een keer aan ons voorgelezen (pseudolezen). Waarbij N. voornamelijk “Alle monsters” zei. En dan vervolgens wat onverstaanbaars mompelde.


Muziek – Maar eerst ving ik een monster – 0 tot 4 jaar

Doel: De kinderen kijken en luisteren naar het lied.
Op Youtube kijken en luisteren we naar een liedje over het boek “Maar eerst ving ik een monster”.


Puzzel – Monsters – vanaf 3 jaar

Doel: De kinderen herkennen en sorteren de juiste kleuren en vormen om de puzzel in elkaar te kunnen leggen.

Vooral N. en J.F. zijn veel met de puzzels bezig. Waar ze in het begin van het thema nog een beetje hulp nodig hadden maken ze aan het eind van het thema de puzzels helemaal zelf. Het maakt ook niet uit dat alle stukjes van de drie verschillende puzzels door elkaar liggen. Ze weten precies welk stuk bij welke puzzel hoort. Het mixen van de puzzels willen ze niet. Als ik de puzzel mix dan geeft N. aan dat ik het verkeerd doe en dat het zo niet hoort.


Knutselen – Monster maken – 1,5 tot 4 jaar

Doel 1,5 – 2,5 jaar: De kinderen spelen met de klei en de elementen.
Doel 2,5 – 4 jaar: De kinderen maken een monster van klei en plastic vormen.

  • J. kneed de klei en pakt allerlei vormpjes. Hij benoemd de ogen, mond, hoed, hand, enz. Wanneer hij een mannetje af heeft zegt hij tegen mij “niet stuk maken”. Hij maakt meerdere klei monsters en gaat er daarna mee spelen. Hij wil ze laten staan om te laten zien als hij opgehaald wordt en het liefst nam hij ze mee naar huis. Maar dit is herbruikbare klei dus de volgende keer mag hij er weer mee spelen.
  • T. zegt; “Wauw, is mooi” en “Is deze mooi?”. Nadat ik de klei warm heb gemaakt kan hij er zelf lekker mee kneden en er vormpjes in stoppen. Hij is er heerlijk mee aan het spelen.
  • N. krijgt van mij ook hulp met het warm maken van de klei, daarna kan hij zelf kneden. Hij stopt van alles op zijn monster. En zegt dingen als “meer” en “mijn”. Hij wilde graag alle blauwe handen. “Nog niet klaar”; zegt hij dan. Samen met J. speelt hij met de klei monsters.
  • B. help ik met het warm maken van zijn klei. In eerste instantie stopt hij 1 handje in de klei en haalt deze eruit en stopt hem er weer in. Zo gaat hij even door. Ik vraag hem of hij niet nog meer spullen wil voor zijn klei monster. Zo doet hij een neus aan de onderkant en komt er nog een hand, ogen, mond en pet bij. Het is een leuk monster geworden. Dan haalt B. alles weer uit elkaar. Ook het kleimonster van zijn broer.
  • M. gaat voortvarend aan de slag. In een randend tempo heeft hij alles op zijn klei monster zitten. Zo snel als hij er mee aan de slag gaat zo snel is hij er ook mee klaar.

Expressie – verhaalkaartjes – vanaf 2,5 jaar

Doel: De kinderen vertellen samen met mij aan de hand van vertelkaartjes een verhaal.

Samen met J.F. kijk ik naar de vertelplaatjes. We kijken wat er allemaal op staat. We bekijken de eerste bladzijde van het verhaal nog eens en ik lees het voor. J.F. geeft aan dat hij het monster vangt met een net. We pakken het plaatje van het net erbij. Het volgende monster vangt hij ook met een net. J.F. vertelt verder dat de monsters daarna gaan schoppen tegen de bal. Ik vraag steeds “En toen, was het verhaaltje uit?”. Het antwoord van J.F. is steeds “nee”. Hij vertelt verder. Alle monsters gaan in de raket. Maar het past niet allemaal. Er kan er maar één in en die gaat dan de ruimte in, zegt hij. Ik pak een monster en leg hem onder de raket. Dan laat ik hem hoog in de lucht vliegen. J.F. geeft aan waar ik de raket moet laten landen. Één voor één haalt J.F. de monsters op met de raket en laat ze dan door de lucht vliegen. Hij laadt ze vervolgens allemaal op de zelfde plek landen. J.F. gaat verder met zijn verhaal “Dan lopen ze en vallen in een kuil. Ze worden heel groot. Ze komen bij Tamara op bezoek.” J.F. verstopt zich onder de tafel. Ik vang de monsters voor de laatste keer met een heel groot net. Dan is het verhaaltje uit.

Tijdens het vertellen speelt J.F. het verhaal uit met de kaartjes. Leuk om te zien dat hij zoveel kan vertellen en een combinatie maakt tussen zijn eigen fantasie en het oorspronkelijke verhaal.


Tekenen – kleurplaat monsters – 0 tot 4 jaar

Doel 0 -2,5 jaar: De kinderen kleuren een kleurplaat in van monsters.
Doel 2,5-4 jaar: De kinderen tekenen hun eigen monster er vertellen hier over.

Vanwege de coronamaatregelen heeft ook dit jaar de bibliotheek besloten om online voor te lezen in plaats van mensen ontvangen in de bibliotheek. Dus heb ik samen met de kinderen weer gekeken naar het verhaal. Is toch anders om het thema zo af te sluiten. J.F. en N. hebben heel aandachtig gekeken naar het voorlezen. M. en B. gingen al snel iets anders doen.

Januari – Nationale voorleesdagen 2022 – Maar eerst ving ik een monster